Een T. rex zag ereen beetje vreemd uit: de dinosaurus had ieniemienie voorpootjes, maar juist enorm lange achterpoten. Dat lijkt niet heel praktisch, maar volgens wetenschappers waren die achterpoten hartstikke nuttig. Ze zorgden er namelijk voor dat de dino heel lang achter elkaar kon lopen.

Onderzoekers dachten eerst dat de lange poten ervoor zorgden dat de T. rex superhard kon rennen. Dat was waarschijnlijk niet zo. De dinosaurus was veel te groot en log om een sprintje op toptempo te trekken.

Korte pootjes = sneller moe

Toch waren de lange poten praktisch voor de dino. Hij kon namelijk lange stukken lopen zonder moe te worden. Dat zit zo: een dino met korte pootjes moet misschien wel 200 passen zetten om een straat uit te lopen. Een T. rex heeft voor dezelfde afstand maar 50 passen nodig. Omdat elke pas energie kost, is de T. rex aan het eind van de straat waarschijnlijk minder moe dan de kleine dino.

Op zoek naar eten

Voor de T. rex was het makkelijk dat hij niet snel moe werd. De dinosaurus was namelijk een groot gedeelte van de dag aan het jagen. Dat hield hij door zijn lange poten beter vol dan dino's met korte pootjes.

NUjunior-school

Speel jij mee met de NUjunior-school? Bij dit artikel kun je een woord verdienen. Met alle woorden die je verzamelt, kun je aan het einde van de week een zin maken. Daarmee maak je kans op een prijs.